Duidelijke taal

Heel bijzonder is hoe het evangelie van Johannes begint.

In het begin was het Woord en het Woord was bij God, en het Woord was God. Door het Woord is alles ontstaan en zonder het Woord is niets ontstaan van alles wat bestaat. In het Woord was leven en het leven was het licht voor de mensen. Johannes 1:1‭, ‬3‭-‬4 HTB

Met het woord Woord wordt Jezus bedoeld, zie o.a. Openbaring 19:13.

Jezus sprak hier op aarde de taal die het volk sprak (Joods-Aramees). Met zijn woorden raakte Hij de mensen heel diep. Vele duizenden waren getuige van wonderen o.a de broodvermenigvuldiging en door de vele, vele genezingen en bevrijdingen konden de mensen weten wie Hij was. Hij vertelde dat Hij het brood des levens is en dat Hij uit hemel afgedaald is om de wil van Zijn Vader te doen. Iedereen die in Hem gelooft heeft eeuwig leven. Wie niet gelooft heeft het leven niet. Duidelijke taal. Maar lang niet iedereen wilde Hem meer volgen.

“‘Willen jullie soms ook weggaan?’ vroeg Jezus aan de groep van twaalf. Simon Petrus antwoordde: ‘Naar wie moeten wij toegaan, Here? U spreekt woorden die eeuwig leven geven. Wij geloven en weten dat U de Zoon van God bent.’
Johannes 6:67‭-‬69 HTB 
Jezus is Het Woord en Hij spreekt nog steeds tegen ons. In duidelijk taal die iedereen kan begrijpen. De Geest spreekt immers alle talen, Hebreeuws, Engels, maar ook Grunnegs en ja zelfs Nederlands.




Onze Koning danken

Vandaag is het 27 april, dus is het Koningsdag. Op een overvolle Vismarkt werd het fantastische bezoek van Koning Willem Alexander afgesloten. De koning bedankte de Groningers voor hun enthousiaste ontvangst. Hij sloot af met de woorden: “Velen spreken over feestvieren, maar jullie doen het gewoon”.

Foto ANP

Dat doet mij denken aan de opdracht die Jezus onze Koning aan de christenen heeft gegeven. Om Zijn Naam bekend te maken en mensen te vertellen hoe geweldig het is om een volgeling van Hem te worden. Velen praten erover maar er zijn ook christenen die het gewoon doen! Ondanks alle tegenwerpingen en afwijzingen. Het is en blijft geweldig om te zien dat Jezus altijd bij je is.

Gisteravond spraken we met verschillende mensen, christenen en ongelovigen. Een stoere, donker gekleurde jongeman vertelde dat hij Jezus kent. Op de vraag of hij ook regelmatig bidt zei hij: “Jazeker, maar ik dank God vooral, ik dank God elke dag voor alles wat Hij doet voor mij”. Kijk, daar word ik blij van. God geeft in de bijbel zoveel mooie beloften. Niet alleen voor de toekomst, maar voor iedereen die Hem aanneemt heeft hij geweldige beloften. Je leven verandert, je naam wordt opgetekend in de hemel en je bent behouden.

Inderdaad iets om elke dag bij stil te staan en onze Koning te danken.

Om jouw dankbaarheid te laten merken word je uitgenodigd om Hem te volgen! Doe je mee? Er staat ons een feest te wachten waarbij Koningsdag in Groningen in het niet valt. 😉




50 uitspraken van Jezus

“Een christendom zonder discipelschap is een christendom zonder Christus” – Dietrich Bonhoeffer

Zo krijg je grip op je leven

1. Noem Jezus geen Heer als je Hem niet gehoorzaamt. Lk 6:46, Mt 7:21.
2. Bouw op de rots van gehoorzaamheid aan Jezus anders zul je vallen. Mt 7:24-27, Lk 6:47-49.
3. Aanbidt God alleen. Mt 4:10b, Lk 4:8.
4. Volg Jezus. Mt 4:19, 11:28-30, Mk 1:17, Jn 1:43,12:26, 10:27, 21:22b.
5. Wees zout en licht in deze wereld. Mt 5:13-16 Mk 9:50, Lk 11:33, 14:34. Jn 3:21.
6. Noem je broeder geen dwaas. Mt 5:22, 12:36.
7. Wees gericht op directe verzoening. Mt 5:24-25.
8. Begeer geen ander, want dan pleeg je overspel in je hart. Mt 5:27-28.

9. Als je je partner verstoot en met een ander trouwt pleeg je overspel. Mt 5:32, 19:9, Mk 10:11-12.
10. Zweer geen eed. Mt 5:33-37.
11. Doe meer dan verwacht wordt, ga de tweede mijl. Mt 5:38-41.
12. Geef aan hen die vragen. Mt 5:42, Lk 6:30, 38.
13. Heb je vijanden lief. Zegen hen en bidt voor hen. Mt 5:43-48, Lk 6:27-29.
14. Doe stilletjes je goede werken tot eer van God en niet van mensen. Mt 6:1-4.
15. Als je bid, vast of geeft, doe dat in het geheim. Mt 6:5-6.
16. Gebruik geen grote hoeveelheid woorden als je bid. Mt 6:7-8, Mk 12:40.
17. Bid naar God de Vader. Mt 6:9, Jn 16:23-24.
18. Wees niet bezorgd. Mt 6:25-32, Lk 12:22-30, Jn14:1, 16:33.
19. Verzamel schatten in de hemel en niet op de aarde. Mt 6:19-21, 33, Lk 12:21, 31-34, Jn 12:25.
20. Oordeel niet zodat je zelf niet geoordeeld wordt. Mt 7:1-5, Lk 6:37, 41-42, Jn 7:24.
21. Blijf vragen, zoeken en kloppen. Mt 6:9-11, 7:7-11, Lk 11:9-13.
22. Behandel anderen zoals je zelf behandeld zou willen worden. Mt 7:12, Lk 6:31.
23. Verspil je tijd niet aan twistzieke mensen. Mt 7:6.

24. Vergeef anderen. Mt 6:12, 14-15, 18:21, Mk 11:25-26, Lk 11:9-13.
25. Laat de doden hun doden begraven. Mt 8:22, Lk 9:6a.
26. Wees niet bevreesd voor mensen, vrees God. Mt 10:28, 16:23, Lk 12:4-5.
27. Getuig van Jezus voor de mensen. Mt 10:32-33, Mk 5:19, 8:38, Lk 9:26, 12:8-9.
28. Neem je kruis op. Mt 10:38-39, 16:24-26, Mk 8:34-37, Lk 9:23-26, 14:26-33.
29. Kijk uit voor huichelarij en hebzucht. Mt 15:6-9, 23:28, Lk 6:41-42, 12:1b, 20:46-47.
30. Berisp een broeder onder vier ogen en als hij zich bekeert, vergeef hem. Mt 18:15, Lk 17:3-4.
31. Betaal belasting en geef aan God wat van Hem is. Mt 22:21, Mk 12:17, Lk 20:25, 21:4.

32. Heb God en je naaste lief. Mt 22:37-40, Mk 12:30-31, Lk 10:27, Jn 15:12, 13:34-35.
33. Wees waakzaam en kijk uit naar Jezus terugkomst. Mt 24:44,46, 50-51, Mk 14:62, Lk 12:35-40.
34. Eer God met alles wat je bezit. Mt 25:14-31, Lk 18:18-23.

35. Dien anderen alsof het om Jezus zelf gaat. Mt 25:34-46.
36. Predik het evangelie, onderwijs gehoorzaamheid. Mt 28:20, Mk 16:15, Lk 9:60b.
37. Bekeer je van zonden. Mk 1:15, Lk 13:3,5, Lk 15:7,10, 18-24.
38. Geloof in Jezus. Mk 16:16, Lk 9:35, Jn 12:36, 6:29, 20:29, 14:6.
39. Heb het geloof van een kind. Mk 10:15, Lk 18:17, Mt 9:29.
40. Doe wat Jezus zegt. Jn 15:14.
41. Verblijd je als je word verdrukt. Lk 6:22-23.
42. Laat je niet afleiden als je luistert naar God. Lk 10:38-42.
43. Handel met compassie en wees niet bevooroordeeld naar anderen toe. Lk 10:30-37.
44. Nodig de armen en behoeftigen uit om samen met je te eten. Lk 14:13-14.
45. Verneder jezelf en neem de laagste plaats in. Lk 14:8-11, 18:13-14, Mt 23:12, 19:30.
46. Je moet opnieuw geboren worden. Jn 3:3, Jn 3:5-8.
47. Leef in Mij en in Mijn liefde. Jn 8:31-32, Jn 15:4, 9
48. Wees niet hebzuchtig als je broeder wordt gezegend. Lk 12:13-15, 15:29-30

49. Laat je dopen. Mt 28:19, Mk 16:16
50. Streef naar volmaaktheid. Mt 5:48.




Fundament in uitvoering

Het fundament

Als je een huis bouwt is het verstandig om het op een stevige ondergrond te bouwen. De stevige ondergrond kan soms in diepere aardlagen zitten. Er zal dan moeten worden geheid om de de palen te laten rusten op die stevige onderlaag. De rots of de vaste grond waarop alles rust is dus belangrijk. Voor ons gelovigen is die vaste rots Jezus, Hij is ons fundament waarop wij de basis bouwen van ons geloof. In de bouwwereld is het heel gebruikelijk dat je eerst een goede plek kiest om te bouwen. Je ontdoet die plek van alle dingen die de bouw in de weg staan en dan wordt er gegraven en geheid. Dan komen de betonvlechters die een raster dan ijzerdraden vlechten, dit wordt het geraamte van de betonnen vloer die komt te rusten op de betonnen palen. (Verbinding met de ondergrond.)

Dus je hebt al een paar belangrijke dingen gedaan voor de eigenlijke bouw van het huis begint. Dit is met de bouw van ons geestelijk huis ook het geval.

Een plek kiezen om te wonen – Kiezen voor Jezus
De grond ontdoen van obstakels – Je zonden belijden en vergiffenis vragen
De heipalen en de vloer die verbinden met de ondergrond ( Jezelf verbinden met Jezus, leer van dopen)
De muren, het dak (het zichtbare werk, onze praktische bijdrage aan de bouw, oplegging van handen) 
Ramen en deuren die toegang geven tot de woning (Een onbewoonbare plaats is nu een plaats waar gewoond en geleefd kan worden – Opstanding der doden)

Als je een degelijk fundament hebt, is de duurzaamheid van het huis dat je uiteindelijk wilt bouwen voor vele jaren gegarandeerd. Wij gelovigen hebben ook een fundament, nl. Jezus Christus. “Laat ieder erop letten hoe hij bouwt, want niemand kan een ander fundament leggen dan er al ligt, Jezus Christus zelf”. 1 Cor. 3:10b-11

Laat je dopen; in water en door de Heilige Geest. Handelen naar ons geloof betekent de liefde van God verspreiden.
Het opleggen van handen is een teken om zijn kracht door te geven aan anderen opdat ook zij zullen leven met Hem. De dood is overwonnen een leven met Hem is een leven vol vuur, kracht, overwinning, herstel en op de dag van het oordeel zullen zijn kinderen beloont worden met eeuwig durend leven met Hem. Niet voor niets moedigt Jezus ons aan om te geloven als een kind.

Het gaat allemaal om het hebben van een relatie met God. Maar dan moeten we wel een goede basis hebben. De bijbel helpt met het geven van inzichten. God is een heilig God en dat zullen we serieus moeten nemen. Als we met God willen optrekken zullen we dus keuzes in het leven moeten maken die soms afwijken van onze verlangens. We zullen anders dienen te reageren dan mensen die leven zonder God. Een keuze voor God is een keuze voor een relatie. Net als een huwelijk. Dan hoor je natuurlijk de gedachten opkomen, dat God streng is en dat je een leven moet gaan leiden als een kluizenaar. Ja God is streng en vooral rechtvaardig. Maar Hij kijkt naar ons als naar Zijn kinderen. God is liefde, vol van liefde en Hij handelt daar ook naar. Wij krijgen als Zijn kinderen dan ook alle ruimte, steun en bemoedigingen om ons te ontwikkelen met de talenten die wij van Hem hebben gekregen. We mogen genieten van de relatie met Hem. Maar kunnen echter ook andere keuzes maken En dat is soms heel verleidelijk. We zullen dan een leven zonder Hem leiden met alle consequenties van dien. Leven met God verrijkt ons, maakt ons beter en we zullen ons voelen als een vis in het water.  Het gevolg is dat we andere keuzes maken, niet omdat het moet, maar omdat we het willen.
Het nieuwe testament legt ons dan ook geen wetten meer op. Het nieuwe testament staat wel vol met richtlijnen, bemoedigingen en uitdagingen. Geen heilige huisjes maar een echte intense relatie met God staat boven alles maar ook het omgaan met de mensen om je heen. Liefhebben dat is de kern!

Het belangrijkste dat Jezus ons wil meegeven is. God lief hebben boven alles en je naaste liefhebben als jezelf.
Het fundament uit Hebreeën 6 kunnen we dan lezen als een unieke aanmoediging om  te groeien vanuit een basis die we hebben gelegd en nooit meer kwijt willen. een basis die verandering heeft teweeggebracht in ons denken en handelen. Vol geloof in een machtig God die zijn Zoon heeft gegeven opdat wij zouden leven. Bij het fundament horen ook activiteiten die wij horen te ondergaan en te doen.




Geweldige beloften

De bijbel staat vol met geweldige beloften voor hen die het Woord van God serieus nemen.
Psalm 18 bijvoorbeeld vs 31 Gods weg is volmaakt.

Psalm 18

Een veilig gevoel dat God jouw beschermer is. Maar als je daar dan niets van merkt? Als er veel teveel problemen op af komen. Alsof het lijkt dat niets lukt en alles fout gaat. Waar is dan die beschermende God?

Om die vragen te beantwoorden moet je weten dat wij mensen te maken hebben met onszelf maar ook met de tegenstander van God. Wij zijn geschapen door God. Als zijn schepsels heeft Hij ervoor gekozen om ons een eigen wil te geven. Wij kunnen kiezen bij wie wij willen horen. Bij het Koninkrijk van het licht of bij het koninkrijk van de duisternis. Onze keuzes bepalen heel sterk onder wiens invloed wij zijn. Verleidingen zullen blijven komen, zelfs al ga je in een klooster zitten. Maar als je God serieus zoekt zal Hij zich laten vinden.

Lees zijn Woord (de Bijbel) en begin bijvoorbeeld met het evangelie van Mattheüs

Bidt regelmatig en uit je dankbaarheid naar God. Stel vragen en luister of je in alles Hem kunt verstaan. Dat kan heel direct zijn, doordat God echt tegen je spreekt of door middel van bijbelteksten of door bepaalde gebeurtenissen. Hoe dan ook, door gebed krijg je contact met God en begin je met Hem een relatie. Heb je ergens moeite mee of heb je te maken met ziekte of tegenslag? Laat dan anderen voor jou bidden. God kan en wil ingrijpen in jouw situatie.

Handel naar je geloof. Laat anderen merken dat je bij God hoort. Niet alleen met woorden maar ook met daden.